Rechtvaardigheid & grip: waarom dit telt bij windmolens
De komst van windturbines raakt de balans in het leven van omwonenden. Ze beïnvloeden hun leefomgeving en gevoel van controle.
Dit kan leiden tot onzekerheid over de toekomst of een gevoel van onrechtvaardigheid. In de afgelopen decennia hebben opeenvolgende kabinetten veel nadruk gelegd op ‘zelfredzaamheid’ en ‘eigen verantwoordelijkheid’. Om dit te bereiken, moet de overheid ook zorgen dat mensen daadwerkelijk invloed kúnnen uitoefenen.
Interview met Bitoen Tran, Communicatieadviseur windenergie bij gemeente Ommen
Hoe houd je windenergie bespreekbaar?
Met een achtergrond in communicatie en participatie weet Bitoen Tran hoe lastig het is om energieprojecten bespreekbaar te houden in de lokale politiek én bij inwoners. Haar aanpak draait om duidelijkheid, samenwerking en het zoeken naar wat wél kan – zelfs als de besluitvorming grotendeels vastligt.
Windenergie is vaak een lastig dossier. Hoe pakken jullie dat aan in Ommen?
“Windenergie kan snel ingewikkeld en ontmoedigend worden. Mensen krijgen allerlei tegenstrijdige informatie, het loopt niet soepel, en het wordt een onderwerp waar je geen energie meer van krijgt. In Ommen hebben we het winddossier gepresenteerd onder de titel: ‘Wind en soms tegenwind, hoe ga je daarmee om?’ Daarin laat ik zien hoe we het hebben aangepakt, met tien simpele plaatjes.
De rode draad is dat je als gemeente met één mond praat. Je zegt niet: ‘het loopt niet lekker, want de provincie werkt niet mee’ of ‘de bewoners zijn lastig’. Je werkt samen, vanuit hetzelfde doel. In Ommen zeiden we altijd: wat kan er wel? Blijf in gesprek, ook als het moeilijk wordt. Zo ontstonden er heldere afspraken over de programmering. We maakten een factsheet in Jip-en-Janneke-taal, zodat inwoners begrijpen waarom de gemeente samen met de provincie afspraken maakt, wat besproken is en wat niet, en wie welke rol heeft.”
Wat is de sleutel om samenwerking intern én met inwoners goed te laten verlopen?
“Onze wethouder, toen ook voorzitter van de Regionale Energiestrategie (RES), zag hoe belangrijk het is om met elkaar in gesprek te blijven. Het is een gezamenlijke klus, en polarisatie helpt niet. Het is belangrijk om zowel de verbinding met de provincie als met de gemeenteraad goed te houden. Raadsleden zijn de schakel naar inwoners, en die moeten goed geïnformeerd zijn om ruis te voorkomen. We proberen ook de inwoners mee te nemen, maar je kunt niet iedereen bereiken. Daarom werkten we met vertegenwoordigers uit de buurt, via een duurzaamheidsplatform. Dat platform fungeerde als spiegel: is de koers die we varen begrijpelijk? We snappen dat mensen tegen windmolens zijn, maar als de provincie besluit dat ze er toch komen, wat kun je dan als Ommenaar doen? We wilden zorgen dat de voordelen ook hier blijven.”
Welke uitdagingen kom je tegen bij zo’n duurzaamheidsplatform?
“Het is niet genoeg om een platform met vertegenwoordigers te hebben en te denken: dit werkt prima. Ook binnen zo’n platform kunnen processen vastlopen. We gingen van acht naar vijf of zes deelnemers omdat sommigen vooral hun ongenoegen wilden uiten en het proces meer politiek maakten. Dat helpt niemand. Dan moet je als gemeente kunnen zeggen: ‘Dit is niet wat we bedoeld hebben, laten we het anders aanpakken.’ Je moet als gemeente echt regelmatig met elkaar om tafel, wekelijks zelfs, om te checken: werkt dit nog wel?”
Hoe geef je inwoners meer grip?
“We zeggen eerlijk: we kunnen niet veranderen dat ze er komen, maar wat heb je nodig? Mensen wilden bijvoorbeeld meer duidelijkheid over gezondheid, geluid en licht. Daar hebben we experts bij betrokken die feiten en fabels uitlegden. We zoeken de juiste experts bij de behoeften van de inwoners. We organiseren ook excursies, bijvoorbeeld naar eco-dorpen. Dat wordt gewaardeerd. Toch horen we vooral wat niet goed gaat, en dat is ook begrijpelijk.”
Wat is jouw belangrijkste advies aan gemeenten die met windmolens te maken krijgen?
“Je moet er zijn voor je inwoners. Je kunt niet met je vinger naar de provincie wijzen, want inwoners komen bij jou terecht. Het kan niet over de schutting. De samenwerking binnen het ‘kwartet’ – provincie, gemeente, raad en inwoners – moet goed zijn. Een goed proces, een rechtvaardig besluit en helder communiceren maken het verschil. Je hoeft je niet schuldig te voelen als de uitkomst niet is wat je had gehoopt, zolang je maar een eerlijk en transparant proces hebt doorlopen.”
Take-aways uit het interview met Bitoen Tran
- Vergroot het gevoel van rechtvaardigheid door groepen een stem en stoel aan de tafel te geven, bijvoorbeeld via een duurzaamheidsplatform.
- Grip kun je vergroten door klare taal en heldere communicatie, zoals een factsheet.
- Duidelijkheid over aspecten als gezondheid, geluid en licht kan onzekerheid verlagen en grip vergroten. Zoek de juiste experts bij de vragen die er leven en betrek inwoners bij de keuze voor passende experts.
Onzekerheid & gebrek aan grip
Bij de bouw van windmolens ervaren bewoners vaak dat ze geen grip hebben op wat er gaat gebeuren. Ze kunnen zich machteloos voelen (“het wordt toch beslist boven ons hoofd”), en dat kan leiden tot polarisatie, onrust en zelfs gezondheidsklachten door de stress vooraf. Bovendien is onzekerheid over effecten op gezondheid, woningwaarde en uitzicht niet los te zien van bredere maatschappelijke onzekerheden. Denk aan flexibele arbeidscontracten, het woningtekort en stijgende energiekosten.
Onzekerheid (“wanneer weten we wat?”, “wie beslist wat?”) is één van de sterkste triggers voor stress en weerstand. Onduidelijkheid vergroot de mentale last, omdat mensen erover kunnen blijven piekeren of zelf de informatiegaten in gaan vullen.
Energy justice: een complexe afweging voor gemeenten
Gemeenten staan voor een lastige taak wanneer ze de belangen van omwonenden en kwetsbare groepen moeten wegen bij windenergieprojecten. Dit vraagt om een zorgvuldige benadering volgens het principe van ‘energy justice’, dat drie belangrijke dimensies kent: distributieve rechtvaardigheid, procedurele rechtvaardigheid en erkenning.
- Distributieve rechtvaardigheid: lasten en lusten eerlijk verdelen Distributieve rechtvaardigheid gaat over een eerlijke verdeling van de voordelen en nadelen van windenergie. Het is belangrijk dat de lasten, zoals geluidsoverlast en veranderingen in het landschap, niet oneerlijk bij kwetsbare groepen of omwonenden terechtkomen. Tegelijkertijd moeten ook zij kunnen profiteren, bijvoorbeeld via financiële participatie of lokale opbrengsten.
- Procedurele rechtvaardigheid: een eerlijk en transparant besluitvormingsproces Procedurele rechtvaardigheid richt zich op het bieden van gelijke kansen voor iedereen om mee te denken en invloed uit te oefenen. Het besluitvormingsproces moet transparant zijn en ruimte geven voor overleg en het indienen van bezwaren. Dit draagt bij aan het vertrouwen in het proces en het gevoel serieus genomen te worden.
- Erkenning: zorgen en belangen serieus nemen Erkenning betekent dat de zorgen, wensen en belangen van alle betrokken groepen worden gewaardeerd en serieus genomen. Dit geldt zeker voor kwetsbare mensen, die vaak extra geraakt worden door veranderingen, maar ook voor omwonenden die direct last kunnen hebben van windmolens. De gemeente moet oog hebben voor deze verschillende posities.
Interview met Lisette Sipman, onafhankelijk procesbegeleider
“Begin bij contact, niet bij regels”
Lisette Sipman heeft jarenlange ervaring met complexe projecten rond windenergie. Ze werkte als consultant, ambtenaar en wordt nu door provincie Utrecht ingeschakeld als onafhankelijk procesbegeleider. Ze begeleidt overheden en inwoners in trajecten waar belangen botsen en emoties hoog oplopen. Haar belangrijkste les? “Begin bij contact maken met mensen. Niet bij beleid of regels.”
Je benadrukt vaak hoe belangrijk persoonlijk contact is. Kun je dat uitleggen?
“Zeker. We zijn geneigd om vanuit de systeemwereld te denken. Je krijgt een bezwaarschrift binnen, of een WOO-verzoek, en die leg je op de stapel. Maar daarachter zit een mens. Ik kreeg ooit een bezwaar met alleen maar een collage van plaatjes. De gemeente waar ik werkte legde dat zonder te lezen terzijde. Ik dacht: ik bel gewoon. Aan de telefoon bleek het een kunstenaar te zijn. Ik vroeg hem: hoe kunnen we hier samen een bezwaar van maken dat de gemeente kan behandelen? Dat was voor hem de eerste keer dat iemand hem echt hoorde. Zo simpel kan het zijn.”
Dus eerst contact, dan pas het formele proces?
“Precies. Als iemand een WOO-verzoek indient, bel ik eerst: ‘Als we u deze informatie opsturen, bent u dan geholpen?’ Met het antwoord op die vraag kom je erachter of het nodig is het verzoek te behandelen of niet. Zo voorkom je vaak onnodige procedures en frustratie. Mensen snappen ons systeem niet altijd. Het voelt voor hen heel stroperig en afstandelijk. Door persoonlijk contact ontstaat wederzijds begrip.”
Wat vraagt dit werk van een procesbegeleider?
“Het kan echt pittig zijn. Jij moet netjes blijven, terwijl de ander soms heel boos is en zaken ook persoonlijk maakt. Daarom is het belangrijk dat je een team om je heen hebt. Doe dit werk nooit alleen. Het helpt om erover te praten met collega’s. Soms denk je: ‘iedereen is tegen’, maar dan zegt een collega: ‘in mijn omgeving vinden mensen dit juist een goed idee’. Die frisse blik helpt om het grotere plaatje te blijven zien.”
Welke werkvormen gebruik je in participatietrajecten?
“Bijvoorbeeld een klankbordgroep waarvan de voorzitter eerst met iedereen individueel spreekt. Dan weet je waarom mensen meedoen en kun je ook duidelijke spelregels afspreken. Bijvoorbeeld dat je aan tafel geen actievoert. Dat helpt enorm om het gesprek constructief te houden. Dit wordt ook gebruikt bij mediation, eigenlijk zijn dit ook bemiddelingsprocessen op basis van vrijwilligheid en commitment.
En we evalueren altijd met de groep. Dan gaat het niet over: zijn we blij met het eindresultaat? Maar over: hoe heeft het proces gefunctioneerd? Wat ging goed, wat kon beter? Natuurlijk is er vaak teleurstelling over de uitkomst, vooral omdat tegenstanders het meest gemotiveerd zijn om mee te doen. Dat los je niet helemaal op. Misschien helpt loting, of een inwonerspeiling, maar uiteindelijk werk je met de mensen die er zijn.”
Hoe zorg je dat mensen weten waar ze invloed op hebben?
“Je moet heel duidelijk zijn over de scope. In Utrecht werk ik aan afspraken tussen omgeving en initiatiefnemers van een windpark. We zeiden: we houden rekening met een bepaald aantal gigawattuur windenergie in dit gebied, tenzij er zwaarwegende bezwaren ofwel ‘showstoppers’ zijn. Ga er maar vanuit dat dit gaat gebeuren. Dan weten mensen dat. Maar we zeiden ook: er is nog invloed op de voorwaarden en de precieze locaties. Die duidelijkheid moet er vanaf het begin zijn.”
De provincie heeft een uitgebreide participatieaanpak rond lokaal eigendom en participatie. Jij mag daar invulling aan geven. Hoe ziet dat eruit?
“Dit beleid heeft als doel om iedereen in de omgeving de kans te geven financieel mee te doen met een windpark en zeggenschap van de omgeving te borgen in alle fasen van het project. Dit beleid geldt in elk geval voor de mensen die tot 2.500 meter rondom het zoekgebied wonen. In het beleid is zelfs een extra participatiefase ingebouwd vóórdat het project wordt uitgewerkt. In die fase maken de omgeving en de ontwikkelaar afspraken over een participatieplan, de onderzoeken die nog uitgevoerd moeten worden en de manieren waarop de omgeving financieel kan meedoen. Ontwikkelaars kunnen dus niet zomaar vinkjes zetten; ze moeten echt overeenstemming bereiken met de omgeving. In sommige gebieden zijn zo energiecoöperaties ontstaan. Dan heb je dus echte zeggenschap gecreëerd.
In het 800-metergebied hebben we een startbijeenkomst georganiseerd. De uitnodiging daarvoor hebben we voor een deel op de fiets persoonlijk uitgedeeld. Uit het 800-metergebied is een Meedenkgroep samengesteld die actief meedenkt over de afspraken in de omgevingsovereenkomst. De mensen in de 2.500-metercirkel hebben we een ansichtkaart gestuurd met een uitnodiging voor de nieuwsbrief. Ze krijgen ook nog een enquête. De Meedenkgroep mocht meedenken met de vragen voor die enquête. Ook sturen we ansichtkaarten om mensen uit te nodigen voor bijeenkomsten.”
Tot slot: wat wil je ambtenaren meegeven?
“Gun mensen hun zorgen. Je hoeft ze niet gelijk weg te nemen of op te lossen, maar neem de ruimte om erover te spreken. Ze mogen er zijn. Ik vertel vaak dat ik zelf op een plek woon waar straks een snelweg komt. Daar ben ik ook niet blij mee. Dat maakt het makkelijker om je te verplaatsen in anderen. En hou voor ogen: liever onterecht ongerust dan onterecht niet goed geïnformeerd. Als je het gesprek open en eerlijk voert, is dat voor iedereen beter.”
Take-aways uit het interview met Lisette Sipman
- Inwoners willen vaak vooral weten: waar komen ‘die dingen’ precies en heb ik daar nog iets over te zeggen? Het is belangrijk om een verhaal te hebben bij deze vraag. Wees vanaf het begin eerlijk over wat wel en niet kan.
- Helderheid over procedures, spelregels, tijdlijnen en besluitvorming geeft psychologische veiligheid.
- Mensen snappen het systeem niet altijd. Het voelt voor hen heel stroperig en afstandelijk. Door persoonlijk contact ontstaat wederzijds begrip.
Hoe vergroot je rechtvaardigheid?
De overheid moet ervoor zorgen dat burgers de middelen en mogelijkheden krijgen om verantwoordelijkheid te nemen in de energietransitie, zoals heldere informatie en eenvoudige procedures. Een gezamenlijke verantwoordelijkheid tussen overheid, bedrijven en burgers helpt om iedereen een passende rol te geven in de energietransitie.
Aandacht voor kwetsbare groepen
Kwetsbare groepen lopen vaak meer risico op nadelen van de energietransitie. Zij hebben soms minder financiële middelen en missen kennis of tijd om actief deel te nemen aan participatieprocessen. Daarom is het belangrijk dat de gemeente deze groepen ondersteunt met begrijpelijke informatie en hulp bij het aanvragen van regelingen. En dat de voordelen van windenergie ook binnen bereik liggen van deze groep. Zo wordt voorkomen dat zij achterblijven en blijft energie voor iedereen betaalbaar.
Belangen van omwonenden serieus nemen
Omwonenden ondervinden meestal de meeste directe gevolgen van windmolens, zoals geluid, slagschaduw en veranderingen in het landschap. Het is van belang om hen vroegtijdig te betrekken bij keuzes over locatie en ontwerp. Ook is het belangrijk dat zij kunnen meedenken en inspraak krijgen. Lokale voordelen, bijvoorbeeld via omgevingsfondsen of lagere energiekosten, kunnen bijdragen aan meer draagvlak.
Wie heeft het meeste recht van spreken?
Er is geen eenvoudige verdeling van wie ‘meer recht van spreken’ heeft. De gemeente vervult een onafhankelijke rol als scheidsrechter die alle belangen zorgvuldig moet afwegen. Ook minder georganiseerde of stille groepen verdienen aandacht. Het gaat om een goede balans tussen lokale belangen en het algemene belang van een duurzame energievoorziening. Dit is een pittige taak voor de gemeente. Openheid over deze ingewikkelde afwegingen helpt om begrip te vergroten.
Inclusieve participatie en duidelijke communicatie
Participatie moet breed en toegankelijk zijn, met verschillende manieren voor mensen om mee te doen. Niet iedereen kan digitaal meedenken of wil een hele avond bij een informatiebijeenkomst zijn.
Transparante communicatie over beslissingen en effecten van projecten is essentieel om vertrouwen te creëren. Consequente, open communicatie bouwt een institutioneel vertrouwen op, wat nodig is bij langlopende windprojecten (zeven tot tien jaar). Om rust te creëren bij inwoners, gaf provincie Overijssel bijvoorbeeld duidelijk aan: dit zijn de momenten waarop initiatieven voor windprojecten worden beoordeeld en geselecteerd en daarna gaat dit gebied voor twee jaar ‘op slot’. Dit betekent dat er in ieder geval twee jaar geen nieuwe plannen komen en initiatieven gepresenteerd kunnen worden.